Gevelfragmenten in de aanbieding

De gemeente Amsterdam bezit een grote hoeveelheid gevelfragmenten van gesloopte panden, opgeslagen in een grote loods met het doel deze te hergebruiken bij restauraties of nieuwbouw in de Amsterdamse binnenstad. Volgens een persbericht van de gemeente worden deze 'aan de stad teruggegeven'. Op 26 juni 2019 werd het onderwerp besproken in de raadscommissie. Om de gevelfragmenten te 'ontvreemden' is namelijk een raadsbesluit nodig.
De herplaatste geveltop op Noordermarkt 32 (foto Wim Ruigrok). De geveltop is eigenlijk te hoog aangebracht, waardoor het zolderraam te ver van de hijsbalk verwijderd is. De kenner ziet alleen daaraan al dat het om een herplaatste geveltop gaat.

Al tientallen jaren bewaart de stad gevelfragmenten van gesloopte panden, zoals gebeeldhouwde zandstenen toppen, voluten en jaartalstenen. Deze zijn al meerdere keren van de ene naar de andere locatie verplaatst. Een groot deel hiervan, hoofdzakelijk geveltoppen, is inmiddels in de binnenstad herplaatst. (1) Theo Rouwhorst schreef hierover in 2016 het boek Bewaard voor Amsterdam. Historische geveltoppen herplaatst. Het voorlopige resultaat van de, nog niet helemaal afgeronde, inventarisatie luidde dat er nog zes complete geveltoppen, acht incomplete en diverse andere restanten beschikbaar zijn voor hergebruik. Incomplete toppen kunnen met nieuw beeldhouwwerk worden aangevuld zodat het aantal te herplaatsen toppen op 14 komt. In een boekbespreking in dit blad van het boek van Rouwhorst stelde ik eerder de vraag wat met deze overgebleven gevelfragmenten te doen. (2) Een nieuw initiatief om de resterende gevelfragmenten een goede bestemming in de stad te geven acht ik zeer gewenst, niet (alleen) omdat het de beste manier is om de stenen te bewaren en als bijdrage aan het herstel van het inmiddels beschermde stadsgezicht, maar eenvoudigweg omdat het materiaal te fraai is om niet in de stad toe te passen. Zoals Rouwhorst al schreef is het aantal beschikbare toppen in vergelijking met het totale monumentenbestand zo klein, dat dit geen probleem zou moeten zijn, zeker als we beseffen dat het fenomeen van herplaatsing van geveltoppen langer bestaat dan de gemeentelijke monumentenzorg. Reeds vóór de Tweede Wereldoorlog ijverde bouwinspecteur Van Houten voor het hergebruik van zandstenen gevelfragmenten als een instrument om het stadsgezicht in stand te houden. Na de oorlog zette Stadsherstel dit streven voort.

Wie denkt dat de oude methodiek van rustig afwachten tot zich een geschikte kans voor herplaatsing voordoet nu nieuw leven wordt ingeblazen, vergist zich. De gemeente wil het liefst zo snel mogelijk van de stenen af. "Voor de waardevolle bouwfragmenten geldt dat in de afgelopen jaren herhaaldelijk is geprobeerd om deze op een geschikte plek te herplaatsen, maar dat dit niet gelukt is" [cursivering W.S.], lezen wij in een persbericht.

Van halsgeveltop #101 is de herkomst onbekend en volgens de documentatie was deze onvolledig. Van deze top werd alleen het fronton in Lodewijk XIV-stijl hergebruikt. De aanzetstukken in Lodewijk XV-stijl horen niet bij deze top en werden los bewaard op de monumentenwerf. De banden van de klokgevel zijn door Tobias Snoep bijgemaakt om tot een complete top te komen. Puriteinen zullen er wellicht over vallen dat er nu twee stijlen door elkaar zijn gebruikt; maar de gewone leek zal dat niet opvallen. Architectuurhistorici zullen hier bovendien aan kunnen zien dat het om herplaatste gevelfragmenten gaat.

Zorgvuldige omgang met de overgebleven gevelfragmenten is gewaarborgd door toetsing en begeleiding van de herplaatsing door Monumenten en Archeologie. "Allereerst wordt aan erfgoedorganisaties, musea, restauratiearchitecten en professionele partijen die in het verleden betrokken waren bij de herplaatsing van geveltoppen, de kans geboden om bouwfragmenten te hergebruiken", schrijft de gemeente. Deze partijen krijgen de kans een plan in te dienen, dat vervolgens door de gemeente wordt beoordeeld. Daarbij wordt aan 'verschillende criteria' getoetst. Ook aan het hergebruik zelf worden voorwaarden gesteld. Na de eerste ronde, waarin de professionele organisaties plannen kunnen indienen, wordt de mogelijkheid gevelfragmenten te hergebruiken "onder de aandacht van een breed publiek gebracht". Ik neem aan met een brochure of een website.

Dat het niet gelukt zou zijn om de toppen te herplaatsen is natuurlijk niet helemaal waar. Er zijn heel veel toppen herplaatst, maar inderdaad is dit de laatste decennia nog maar mondjesmaat gebeurd. Niet omdat er geen belangstelling bij het publiek zou zijn, maar omdat er geen enkele publicitaire aandacht aan is gegeven. In mijn boekbespreking noemde ik dit eerder niet zonder reden het best bewaarde geheim van de monumentenzorg in Amsterdam. De Amsterdamse restauratiearchitecten en -aannemers, die al wat langer meelopen, weten dit natuurlijk wel, waardoor er af en toe een top wordt herplaatst. De laatste keer dat dat gebeurde, was in augustus 2018 op Noordermarkt 32 en wel met prachtig resultaat (zie foto). Nu is het maar te hopen dat men niet te snel 'ja' zegt tegen mensen die plannen indienen om gevelfragmenten te gebruiken die staan als een vlag op een modderschuit. Of dat gevelfragmenten uit de binnenstad worden ontvreemd en in tuinen of parkjes terechtkomen, zoals bijvoorbeeld is gebeurd met de bouwfragmenten van de Heilige Stede. Monumentenzorg en ook fragmentenzorg is een zaak van geduld. Vanzelfsprekend zal ook de VVAB de plannen toetsen.

Walther Schoonenberg

[Raadsbrief] (29 mei 2019) (PDF-bestand)

[Richtlijn aanvraag gevelfragmenten] (PDF-bestand)

Voetnoten
1. Over dit onderwerp schreef de auteur over de jaren 1999-2009 een serie artikelen in Binnenstad. Zie: Herplaatste geveltoppen.
2. Walther Schoonenberg. Boekbespreking: Het best bewaarde geheim van de monumentenzorg, in: Binnenstad 277 (juli/sept. 2016)

(Uit: Binnenstad 293, mei/jun./jul. 2019)

Door in te loggen, kunt u ondermeer uw gegevens beheren. Alleen leden hebben een inlogaccount.

Reacties

Er zijn momenteel nog geen reacties op dit artikel.

Alleen als u bent ingelogd, kunt u een reactie plaatsen.