[Vrienden van de Amsterdamse Binnenstad]

Jaarvergadering 2002

Opening door de voorzitter

Uilenburger Synagoge (1765/66)
Ik heet u allen hartelijk welkom op de 27ste algemene Ledenvergadering van de Vereniging Vrienden van de Amsterdamse Binnenstad.

We komen vandaag bijeen in een prachtig monument uit 1765, een Hoogduitse synagoge, waarvan de inventaris in de oorlogsjaren verloren is gegaan. In dit gebouw was het restauratie-atelier van Hans 't Mannetje gevestigd, opgevolgd door het Nationaal Restauratie Centrum dat hier thans gehuisvest is. Het is dus niet alleen een monument van bouwkunst en geschiedenis, maar ook van Amsterdamse monumentenzorg.
Op de monumentenwerf rondom het gebouw lagen tientallen topgevels opgeslagen, die de afgelopen jaren vrijwel allemaal in de binnenstad zijn herplaatst. Nog steeds vindt u achter het gebouw een aantal toppen die nog herplaatst moeten worden. De toppen zijn afkomstig van huizen, die gesloopt zijn voor de metroaanleg, de Stopera etc. Het zegt veel dat er momenteel geen toppen meer bij komen. De tijd is voorbij dat monumenten in de binnenstad op grote schaal gesloopt worden. Hoewel je zou kunnen zeggen dat de strijd voor het behoud van de binnenstad is gewonnen en beklonken in het 'beschermd stadsgezicht', doemen nieuwe bedreigingen op.
Het wonen in het centrum is zo in trek dat de prijzen de pan uitrijzen. Dat geeft weer nieuwe problemen, zoals het feit dat particuliere projectontwikkelaars het 'herstellen' van de restaurerende instellingen hebben overgenomen, op z'n wijze dat elke vierkante meter wordt benut en uitgebuit. Dat geeft aan dat het Bureau Monumentenzorg, sinds vorige maand het Bureau Monumenten en Archeologie geheten, een steeds belangrijker rol moet krijgen in het inspecteren en begeleiden van restauraties van monumenten. In werkelijkheid is het Bureau uitgekleed. Het is dan ook een zorgwekkende ontwikkeling dat in (de plannen voor?) het nieuwe monumentenstelsel van staatssecretaris Van der Ploeg de gemeenten helemaal geen zelfstandige rol meer spelen. Het gemeentelijk bureau zal gekortwiekt worden ten gunste van de Rijksdienst in Zeist.
Een andere zorgwekkende ontwikkeling is de niet aflatende pogingen van architecten en hun opdrachtgevers een 'statement' te maken in de historische binnenstad, op kosten van het stadsgezicht. Het 'beschermd stadsgezicht' geeft niet voldoende instrumenten om dat te voorkomen. We zullen op dat gebied ons specifieke geluid blijven uitdragen, wat overigens niet betekent dat wij zeggen dat de binnenstad 'op slot gaat'. We zijn het zelfs in onze vereniging niet altijd eens daarover, wat extra aangeeft hoe moeilijk deze problematiek is.
Absoluut onaanvaardbaar is nieuwbouw in de binnenstad dat in maat en schaal niet in de binnenstad past. De strijd om het Binnengasthuisterrein heeft laten zien dat de tijd dat dat mogelijk was, definitief voorbij is. Dat betekent niet dat de strijd om het BG-terrein nu achter de rug is. Er dreigt nog steeds de sloop van twee monumenten en de bouw van een 40 m hoge toren. We zullen ons daartegen blijven verzetten.
Een grote bedreiging voor de binnenstad vormt de hoogbouw aan de IJ-oevers en aan de Amstel. Het oude centrum dreigt in de toekomst door hoogbouw ingesloten te worden. De Amsterdam-lievende organisaties hebben de bouw van de Labouchère toren niet kunnen tegen houden, evenals de bouw van het Dorint-hotel. De financiële belangen, van particulieren maar ook de overheid, zijn te groot. Toch is het hoopgevend dat de hoogbouwplannen voor het westelijk stationseiland, in de zichtlijnen van Heren- en Keizersgracht, voorlopig van de baan zijn. Er was geen politiek draagvlak voor.
Als we dus iets willen bereiken, zullen we onze contacten met de politiek moeten verstevigen. Het afgelopen jaar hebben we op talloze hoorzittingen en vergaderingen van Gemeenteraadscommissies onze stem laten horen. De onderwerpen varieerden van (iets kleins, bijv. aanbouwbalkons) tot (iets groots, bijvoorbeeld het waterplan). Een van de belangrijkste resultaten is de aanscherping van de bestemmingsplannen ten aanzien van de keurtuinen, met als gevolg dat de gemeente niet meer meewerkt aan al dan niet ondergrondse bouwplannen in de beschermde keurtuinen.
Ook het komende jaar zullen we vaak inspreken, in commissievergaderingen en op hoorzittingen. Met blijdschap kan ik u melden dat vrijwel alle fracties in de nieuwe Deelraad Centrum leden van onze vereniging in het midden hebben. Dat schept verwachtingen. Maar het allerbelangrijkste is dat we coalities smeden, met andere organisaties, wijkcentra, bewonersgroepen e.d., allen die op de bres staan voor onze binnenstad. Alleen samen met anderen kunnen we onze doelstellingen bereiken.
De vereniging draaide ook het afgelopen jaar weer op een klein groepje actieve leden. Ik denk in de allereerste plaats aan de leden van de Werkgroep Waakhond die elke week de sloop- en bouwplannen bekijkt. Indien nodig tekenen zij bezwaar aan. Zij doen hun werk zeer zorgvuldig en we zijn hen dan ook veel dank verschuldigd voor de vele uren werk. Daarnaast zijn er natuurlijk de redactie van het blad Binnenstad, de ledenwerfexcursie-commissie en het bestuur. Het afgelopen jaar verloren we één actieve strijder: Frans Amende.
De groep actieve leden is te klein. Hiervoor is het allereerst nodig het ledental zelf te vergroten. Honderden mensen hebben via de digitale snelweg ons adres gevonden: www.amsterdamsebinnenstad.nl. De website heeft vele nieuwe leden opgeleverd. In totaal meldden zich het afgelopen jaar 173 nieuwe leden aan. Dat is niet alleen het gevolg van de website, maar ook van een publiciteitsoffensief in de oude media, waardoor onze naamsbekendheid is gegroeid. Hoewel hierdoor de geleidelijke daling van het ledenaantal is gekeerd, is dat nog niet voldoende. Een aantal mensen heeft een ledenwerfplan op papier gezet. Het is de bedoeling dat dit de komende jaren wordt uitgevoerd. Daarvoor zijn nieuwe vrijwilligers nodig. Ook zoeken we mensen die zich willen gaan bezighouden met bestemmingsplannen, met het water, met reclame e.d. Ook zoeken wij advocaten die zich belangeloos voor onze vereniging willen inzetten. Als u interesse heeft, laat het dan weten.
Maar vandaag moet ik natuurlijk allen bedanken, die zich in het afgelopen jaar op enigerlei wijze voor onze vereniging hebben ingezet. Zonder u was dit allemaal nooit gelukt. Hiermee is deze Ledenvergadering geopend.

Walther Schoonenberg
6 april 2002