Deze werd in de jaren 1848-1864 gebouwd en in 1866 nog uitgebreid met een nieuwe ingang en een doopkapel aan het Rusland. Verder was het gebouw inpandig, behalve aan de Spinhuissteeg. Het interieur leek op dat van de Mozes en Aäron, een hoge, imposante ruimte, gedeeld door zware kolommen van gestuct metselwerk, het geheel was in italiaans-klassicistische trant "aangekleed". De parochie werd in 1929 opgeheven, de kerk was nadien geen kerk meer, maar diende als opslagruimte voor het papier bedrijf Proost en Brand aan de overzijde van de straat. Het gebouw stond bekend om zijn goede akoestiek. Een herbestemming als collegezaal of aula, op nog geen honderd meter van de Oudemanhuispoort, had voor de hand gelegen. In plaats daar van liet Proost en Brand De Ster slopen en op het terrein verrees een saai magazijn, detonerend in de verder nog vrij gave gevelwand. Dat duurde niet lang. In 1988 verhuisde het bedrijf. Nu staat daar het Royal Sass Hotel, niet mooier, maar wel opzichtiger dan het magazijn van Proost en Brand. Alleen langs de Spinhuissteeg is nog een herinnering aan de 19de-eeuwse architectuur bewaard.
Het slopen gebeurt tegenwoordig niet meer door mannen die waaghalzig op een muur zitten. Daarvoor dienen bulldozers, dat gaat vlugger. Bedoeling en effect blijven dezelfde: weg met die oude troep, instandhouding kost geld en levert minder op dan nieuwbouw.
Toch is het de moeite waard, de foto aandachtig te bekijken. Was het zoiets bijzonders, wat daar stukgeslagen werd? Er staan in heel Europa nog duizenden van op die manier ingerichte gebouwen. Boogstellingen, pilasters, kapitelen, geprofileerde kroonlijsten, niet eens in kostbaar materiaal maar in stucwerk op baksteen, dat zijn, bij wijze van spreken, uitdrukkingen in een architectuurtaal die vele eeuwen lang in ons deel van de wereld gangbaar en verstaanbaar is geweest, zoals het Latijn in wetenschappelijke en officiële publicaties. Nog altijd voelt een bezoeker zich direct thuis in dergelijke waardige, harmonische ruimten volgens de klassicistische proporties en stijlvorm. Die taal is in onbruik geraakt, maar is, in tegenstelling tot het Latijn, nog wel algemeen verstaanbaar. Is er iets beters of tenminste gelijkwaardigers voor in de plaats gekomen?
Geurt Brinkgreve
(Uit: Binnenstad 171, jul./aug. 1998)
Door in te loggen, kunt u ondermeer uw gegevens beheren. Alleen leden hebben een inlogaccount.
Er zijn momenteel nog geen reacties op dit artikel.
Alleen als u bent ingelogd, kunt u een reactie plaatsen.