Mijn 'verouderde' boeken

Het was mijn bedoeling om in deze rubriek zo nu en dan aandacht te besteden aan de vakliteratuur die in mijn boekenkast staat. Die is inmiddels 'verouderd', dat betekent in de letteren echter iets heel anders dan in de rechten of de medische wetenschap.

In die disciplines is een proefschrift al binnen enkele jaren hopeloos gedateerd, maar mijn proefschrift uit 1991 geeft nog steeds een actueel beeld van het onderzoek naar de geschiedenis van het Algemeen Uitbreidingsplan van Amsterdam. Niet omdat het zo geniaal is, maar omdat niemand een nieuw boek heeft geschreven. Bovendien is er in de kunstgeschiedenis eigenlijk geen sprake van echte vernieuwing of voortschrijdend inzicht. Perspectieven veranderen en klemtonen worden verlegd, maar dramatische ontwikkelingen zoals in de natuurkunde kent het vak niet. Een recent boek over het middeleeuwse Rome, zoals Medieval Rome, van Chris Wickham (2015), voegt veel details toe, maar ik zou elke student aanraden om te beginnen met het meesterwerk van Richard Krautheimer, Rome, Prole of a City 312-1308, uit 1980. Bij mijn weten is Mittelalterliche Stadtbaukunst in der Toskana (1953) van Wolfgang Braunfels ook nooit echt overtroffen. Beide boeken waren voor mij een openbaring.

En dan zijn er natuurlijk de boeken die met het verstrijken der tijd bronnen zijn geworden. Een voorbeeld daarvan is Renaissance und Barock, van Heinrich Wölfin uit 1888, waarin het probleem van architectonische ruimte voor het eerst ter sprake komt. Nog goed leesbaar voor de gemotiveerde student. Hetzelfde geldt voor de boeken over stedenbouw van zijn leerling A.E. Brinckmann, die Berlage zo grondig bestudeerd heeft. De catalogus van de tentoonstelling 'Die deutschen Städte' in Dresden (Leipzig 1904) geeft een fascinerend beeld, met een luxe platendeel, van de toenmalige vooruitgang. In het tekstdeel staat een bijdrage van Fritz Schumacher, 'Architektonische Aufgaben der Städte', die ook essentieel was voor het denken van Berlage. In 1909 verscheen Das deutsche Miethaus, van Albert Gessner, met als ondertitel: 'ein beitrag zur Städtekultur der Gegenwart'. Het werd direct in Nederland gerecenseerd, als leerzaam voorbeeld voor de massawoningbouw. Michel de Klerk heeft het ongetwijfeld goed bekeken bij zijn werkgever, Ed. Cuypers, waar altijd de meest recente literatuur op de leestafel lag.

Maar nu twee Nederlandse boeken die min of meer een eeuw geleden zijn verschenen. De eerste druk van Het Moderne Landhuis in Nederland dateert uit 1916, een jaar later volgde de tweede druk, waarna in 1922 nog een derde druk het licht zag. Dit succes smaakte natuurlijk naar meer, dus in 1920 publiceerden de samenstellers, J.H.W. Leliman en K.Sluyterman, Het stadswoonhuis in Nederland gedurende de laatste 25 jaren. De tweede druk uit 1924 – Leliman was in 1921 overleden – werd samengesteld door A.J. van der Steur, die het bureau van Leliman had overgenomen. De boeken zijn fraai uitgegeven door de Haagse uitgever Martinus Nijhoff. Na een korte inleiding volgt het beeldmateriaal, met op elke pagina een foto en de plattegrond van een huis. Hier en daar wordt ook een interieur afgebeeld.

De 25 jaren die in 'Het stadswoonhuis' de revue passeren beginnen in 1895. De gloriejaren van de neorenaissance waren toen denitief voorbij en de samenstellers hebben geen voorbeelden meer opgenomen van die verouderde stijl. Maar verder tonen zij geen enkele voorkeur voor bepaalde architectuur. Zo is een min of meer compleet overzicht ontstaan van de stilistische anarchie uit die jaren. Amsterdam bood natuurlijk goede voorbeelden en veel architecten die zijn besproken in mijn rubriek 'Amsterdam 1900' in Binnenstad komen aan bod. Al met al is het beeld niet opwekkend. Met name veel statige huizen hebben nog onmiskenbaar historiserende trekjes. Het is achteraf niet zo verbazingwekkend dat men in progressieve kring somber gestemd was bij de tiende verjaardag van de Beurs van Berlage in 1913 en slechts een enkeling, zoals Albert Boeken, had oog voor de revolutionaire betekenis van het Scheepvaarthuis.

In zijn inleiding bij 'Het moderne landhuis', dat dezelfde periode bestrijkt, is Leliman opmerkelijk enthousiast over de resultaten van een kwart eeuw bouwen. Strikt architectuurhistorisch gezien is de verklaring daarvoor gelegen in de grote invloed van het Engelse landhuis, die hij uitdrukkelijk noemt. Uitgesproken progressieve architecten zoals Philip Webb en Norman Shaw hadden in feite een hele nieuwe wooncultuur ontwikkeld voor de middenklasse. De essentie daarvan was een informele en vrije plattegrond zonder enig spoor van een strenge compositie, laat staan symmetrie en classicisme. Dit kwam tot uitdrukking in het exterieur waarbij doorgaans een landelijke bouwstijl werd toegepast. Leliman noemt ook het individuele opdrachtgeverschap en het streven naar een huis in een aangename omgeving waarin 'ongedwongen' geleefd kon worden. Bij het kleinere landhuis verdween al snel elk spoor van traditionele deftigheid en de bijbehorende vormentaal.

Ook in 'Het moderne landhuis' komen we diverse oude bekenden tegen uit de rubriek 'Amsterdam 1900'. Een brave architect als H.A.J. Baanders is goed vertegenwoordigd met verschillende huizen die een zekere originaliteit vertonen. Klaarblijkelijk bood 'Het landhuis' ook hem de vrijheid om eens wat leuks te doen. Net als in Amsterdam bouwde Ed. Cuypers buiten de stad grote huizen, voor opdrachtgevers die niet revolutionair gezind waren. Net als hun vader konden de broers Van Gendt aardige landhuizen bouwen. Zelfs A.R. Hulshoff en A.A. Kok, al prominent aanwezig in 'Het stadswoonhuis', hebben tijdens hun korte samenwerking buiten de stad gebouwd. C.B. Posthumus Meyjes, vermoedelijk toch senior, verrast met een leuk huis in Driebergen.

Dankzij het internet zijn deze plaatwerken nog voor een heel schappelijke prijs te koop. Wie graag met enige verwondering door een architectuurboek bladert, zal niet teleurgesteld worden door J.H.W. Leliman.

Vincent van Rossem

(Uit: Binnenstad 282/283, juli/augustus/september/oktober 2017)

Door in te loggen, kunt u ondermeer uw gegevens beheren. Alleen leden hebben een inlogaccount.

Reacties

Er zijn momenteel nog geen reacties op dit artikel.

Alleen als u bent ingelogd, kunt u een reactie plaatsen.